Mango - Mangifera indica L.

Mango

Synoniemen: niet bekend

Wetenschappelijke naam: Mangifera indica L.

Familie: Anacardiaceae (Pruikeboomfamilie)


Land van herkomst

India en Birma.



Bestanddelen

Vruchtvlees: carotenoïden, violaxanthine, quercetine-glucosi-den, polysacchariden.
Vet van de pit: myristinezuur, palmitinezuur, stearinezuur, oliezuren, linolzuur, linoleenzuur, fytosterinen, fosfolipiden, vitamine E.



Omschrijving

Het meeste indrukwekkend is het volle, glanzende groen. De langwerpige, tot 30 cm lange bladeren van de mangoboom groeien in stervormige groepen. Zij vormen een dichte, veel schaduw gevende kroon met daarin veel zalmkleurige jonge bladeren. In de groene zee van de, tot 30 meter hoog wordende, mangoboom staan bloesempluimen met slechts enkele millimeters grote, geel-roze, naar lelies geurende bloemen. Uit slechts twee tot drie van de duizenden bloemen per bloeisel groeien daadwerkelijk mangovruchten. De 25 cm lange en tot twee kilo wegende vruchten hangen aan lange stelen. De schil is groen, geelachtig-groen of oranje, soms rood of pur-perkleurig en de vorm is ovaal, peer- of niervormig. Er zijn we-reldwijd ongeveer 1500 verschillende soorten. In het voor druk gevoelige, sappige vruchtvlees ligt een grote steenpit met een gladde buitenkant. Bij natuurlijke soorten groeien hier veel vezels omheen. Naaste familieleden van de mango uit de Pruike-boomfamilie zijn onder andere de cashewnoot en de pistache.



Wetenswaardigheden

De wetenschappelijk naam „Mangifera“ is samengesteld uit de delen mango en het Latijnse ferre = brengen, dragen. Letterlijk vertaald is dit dan mango-drager. Het woord mango is vermoedelijk ontstaan doordat het verkeerd verstaan is. De Portugezen hoorden het woord op Indiase markten en in havens waar handelaren in het Tamil spraken over “mangai”, het woord voor onrijpe mangovruchten. In het Tamil, de belangrijkste taal van Zuid-India, wordt de rijpe mango echter “mamaran“ of “mampalam“ genoemd. Deze naam stamt af van het woord “amra“, de Sanskriet-naam voor de mango. Sanskriet is de taal van de oudste Indische literatuur, de Veda's. In deze geschriften staat de indrukwekkende mangoboom voor kracht en sterkte. Om die reden kregen zeer gewaardeerde of bewonderde personen het woord amra als tussenvoegsel in hun naam. De 4000 jaar voor Christus opgetekende Veda's noemen de mango bovendien een godenspijs. Een Birmees geschrift beschrijft dat een teler een mangovrucht aan Boeddha zou hebben gegeven.Nadat Boeddha het vruchtvlees had gegeten, gaf hij de pit aan zijn neef en dienaar Ananda, met de woorden: “Plant hem op een plaats die voorbereid is om hem te ontvangen”. Nog steeds bieden Indiërs de goden de sappige vrucht aan als teken van rijkdom en goddelijke zoetheid. Mogelijk is de gebogen vorm van de liggende vrucht de inspiratie geweest voor het bekende Indische paisleymotief.

Er is ook een verband tussen de bloesem van de mango en de Hindoegoden. En de Indische dichtkunst schrijft aan de geur van de bloesems het vermogen toe de pijn van een eenzaam beminnend hart weer te laten opvlammen. Al 4000 jaar geleden kweekten de Indiërs mangobomen in de provincie Assam. Van daar uit breidde het telen van mango's zich uit naar Maleisië en rond 1400 na Christus door mohammedaanse missionarissen en piraten naar de Filipijnen. Dat de mango wereldwijd voorkomt hebben we te danken aan de Portugezen. Zij brachten de vrucht vermoedelijk rond het begin van de 16e eeuw van Goa naar Oost-Afrika, van daar naar West-Afrika en vervolgens via verschillende eilandengroepen naar Brazilië. Zaadpitten uit Rio de Janeiro gingen vervolgens naar Barbados (1742) en Jamaica (1782) en bereikten zo rond 1833 via Mexico Florida. Na een eerste mislukking slaagde de teelt in 1861 en slechts vier jaar later ook op Hawaï. De mango bereikte Queensland, Australië zo rond 1870. Tegenwoordig behoort qua aantal de mango na bananen en citrusvruchten tot de belangrijkste tropische vruchten. De jaarlijkse wereldwijde productie ligt rond de 40 miljoen ton. 50 % daarvan komt uit India, gevolgd door Mexico, China, Pakistan, Thailand, Indonesië, Nigeria, de Filipijnen en Brazilië.



De planten in onze producten

Mangoboter kan zelfs een ruwe huid, die het zwaar te verduren heeft gehad, weer soepel maken. Ze beschermt de huid tegen uitdroging en verrijkt de samenstelling van: